Verkorte ketenbepaling geldt niet voor iedereen

 Per 1 juli 2015 wordt de duur van de ketenbepaling verkort van drie naar twee jaar.
Werknemers mogen dan nog maximaal drie contracten krijgen binnen twee jaar, voordat er recht op een vast contract ontstaat.
Dat kan voor onze oud leerlingen een probleem gaan vormen, omdat veel van hen een dienstverband beginnen met een tijdelijk arbeidsovereenkomst
Vanaf 1 januari 2015 treedt de Wet werk en zekerheid in werking. Een half jaar later, per 1 juli 2015, wordt de ketenbepaling verkort. Maar de nieuwe ketenbepaling geldt niet voor iedereen. Ten eerste kan een cao het aantal contracten verruimen naar zes en de totale duur van het aantal contracten oprekken naar vier jaar. De ketenbepaling mag straks echter alleen verruimd worden voor uitzendovereenkomsten of voor functies waarbij de intrinsieke aard van de bedrijfsvoering meer tijdelijke contracten rechtvaardigt. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen in de sectoren media en cultuur of in de academische wereld.
 Voor een aantal werknemers geldt de nieuwe ketenbepaling niet
Naast de cao-afwijkingen van de nieuwe ketenbepaling gelden er voor een aantal groepen werknemers nog specifieke afwijkingsmogelijkheden. Zo geldt de nieuwe ketenbepaling niet voor:
  •  Werknemers die jonger zijn dan 18 jaar en gemiddeld maximaal 12 uur per week voor uw organisatie werken. Denk bijvoorbeeld aan een jongere die een bijbaantje heeft bij uw organisatie. Op het moment dat de werknemer 18 jaar wordt, telt zijn arbeidsovereenkomst wel mee in de ketenbepaling.
  • Werknemers die voor uw organisatie werken in het kader van de beroepsbegeleidende leerweg (BBL). U moet dan denken aan leer-werktrajecten in het mbo.
  • Werknemers die voornamelijk vanwege een opleiding een arbeidsovereenkomst hebben met de organisatie. Dit moet dan wel zijn afgesproken in de cao.